Het Sprookje van Olcay Gulsen

Van probleemkind tot topondernemer: het is het verhaal dat leest als een jongensboek. Sinds kort is het ook het verhaal van een Koerdisch-Armeens-Brabantse vrouw: SuperTrash-diva Olcay Gulsen, die leeft in een droom die ze zelf geschapen heeft. ‘Je kunt er twintig Hermès-tassen en tachtig Burberry-jassen omheen hangen, maar echt deftig wordt het nooit.’

door Sonny Motké & Nikki Sterkenburg    fotografie Vincent van Gurp
leestijd 10 minuten    gepubliceerd in juni 2012

Over tien jaar heb ik een bestseller geschreven. Over mezelf. Dat het niet uitmaakt wie je bent, of wie je was. Dat je alles kunt bereiken wat je wilt. Het klinkt zo cliché, maar het is echt zó waar gewoon.’ Met deze woorden, visueel ondersteund met camerashots van Olcay Gulsen die voor een videoprojectie heupwiegend een dansje doet op de catwalk om haar parfum te lanceren, sloot afgelopen februari de uitzending van KRO Profiel af. Opnieuw werd het happy ending-scenario afgewerkt: kansloos meisje uit Koerdisch-Armeens achterstandsgezin in Waalwijk groeit op met tirannieke vader, maar gelooft in zichzelf en weet op eigen kracht een internationaal mode-imperium uit de grond te stampen. Met haar verschijning – hooggehakt, geföhnde lokken en een Hermès-tas aan haar arm bungelend – belichaamt ze haar label SuperTrash, de kledinglijn waarmee ze iedere vrouw een celebrity-uitstraling wil geven. Dat ze zich graag bij invloedrijke mensen naar binnen bluft en haar cv opfluft is allang geen geheim meer. Met een knettercommerciële kledinglijn, een straf werkregime en een sympathiek succesverhaal lijkt de modeonderneemster een gunfactor te hebben ontwikkeld die groot genoeg is om aspirant-criticasters voor zich te winnen. ‘De successtory van Olcay is op z’n zachtst gezegd een sterk verhaal. Maar hoe twijfelachtig haar cv en haar collecties ook zijn: voor dat succes kun je alleen maar bewondering hebben’, beaamt Cécile Narinx, hoofdredacteur van modeblad Elle. Tegelijkertijd heeft ze meerdere bedenkingen bij vrouw en merk: ‘SuperTrash is geen mode, maar hypercommerciële confectie. Niet origineel, niet vernieuwend, niet chic. Daarom sla ik de modeshows van Olcay stelselmatig over: te veel show, te weinig mode. Het is ook fascinerend om te zien hoe ze over de rode loper een feestje binnenkomt. Elke fotograaf wordt uitgebreid getrakteerd op een ingestudeerde Hollywoodpose. Als Olcay ergens in haar knollentuin is, dan is het daar wel. Maar ze blijft een polderversie van Jenny from the block: heel bruin, heel bloot, heel aanwezig. Je kunt er twintig Hermès-tassen en tachtig Burberry-jassen omheen hangen, maar echt deftig wordt het nooit’

Het merk Olcay Gulsen is onmiskenbaar verbonden met haar kledingmerk, want het is vooral de entourage die SuperTrash bijzonder moet maken. Zoals het bijbehorende magazine (met Gulsen zelf als covermodel op elke editie), on-Nederlandse, over de top modeshows (zoals afgelopen jaar in de Passenger Terminal) en de talloze interviews die ze de afgelopen jaren aan diverse media gaf over privé en product. Het leidde er zelfs toe dat ze een graag geziene gast werd bij Pauw & Witteman, waarin ze haar visie geeft over ondernemerschap en de crisis. Tel daar een verloving met ex-profvoetballer Edgar Davids en paparazzi-foto’s van Gulsen in bikini op het strand van Ibiza bij op, en een nieuwe BN’er is geboren. Een bewuste keuze, zo lijkt het. Ook a startte ze naar eigen zeggen haar merk in 2004, de Nederlandse modescene leerde Olcay voor het eerst kennen bij de Glammies (de awards van het tijdschrift Glamour en ICI Paris XL, red.), waarbij ze erg aanwezig was op de dansvloer en als extraatje bij poldernicht Gordon op schoot klom. Datzelfde jaar geeft Gulsen een interview aan het magazine Jackie, waarin ze vertelt dat ze het Amerikaanse merk SuperTrash heeft gekocht. Born in L.A., raised in Amsterdam luidt de slogan. Toch zijn er een hoop vraagtekens te plaatsen bij die lezing. Naar eigen zeggen ontmoette Gulsen in 2004 de Californische it-girl Ava Riley tijdens een afterparty van de New York Fashion Week. Riley had het idee een kledinglijn te starten die gepromoot zou worden door jonge vrouwen wier werk vooral bestaat uit beroemd zijn en feestjes opleuken, zoals Paris Hilton en Kim Kardashian. Gulsen zou dan de Europese en Aziatische tak onder haar hoede nemen. Ze beweert Riley in 2009 te hebben uitgekocht, waarna ze de lijn – die tot dat moment volgens haar vooral bestond uit trainingspakken met glitterstenen – nieuw leven inblies.

Vreemd genoeg is er helemaal niets bekend over Ava Riley. Daarover zei Gulsen in 2010: ‘Dat is omdat ze nu een heel ander leven leidt. Ze heeft twee kinderen en is vooral bezig met hoeveel botox ze nodig heeft. In Nederland denken ze dat als iets goed gaat, er wel iets mis mee moet zijn.’ Maar ook in zoekmachines op internet is er niets te vinden, de site SuperTrash.us is pas sinds 2010 in de lucht en ook SuperTrash.com heeft in het verleden niet bestaan. Creative director Jolanda van Eijk, die in 2004 met Gulsen ging samenwerken: ‘Alles wat ik van Ava Riley weet, heeft Olcay me verteld. Ik ben daar zelf niet bij geweest en ze heeft ook nooit Nederland bezocht. Alles speelde zich in L.A. af, waar Olcay toen vaak kwam.’ Wanneer wordt gevraagd om foto’s van de Amerikaanse collectie uit de periode 2004-2008, blijft het stil bij SuperTrash. Ze moeten nog wel ergens zijn, maar dat is allemaal heel lang geleden. In de gangen van de pr-wereld wordt gefluisterd dat het concept Born in L.A., raised in Amsterdam bedacht zou zijn door pr-agent Rob Groenteman van Blosh, jarenlang de partner van Gulsen. Desgevraagd ontkent Groenteman dit tot op de dag van vandaag. Ook gezien de verkoopcijfers is het niet aannemelijk dat SuperTrash heel groot is geweest in Amerika. Gulsen beweert dat bij de verkoop 90% van de omzet afkomstig is uit Europa, waarvan het overgrote deel uit Nederland. Een oud-medewerker: ‘Op kantoor hadden we het er onderling wel eens over wat er nu van het verhaal klopte, maar niemand durfde het rechtstreeks te vragen. Op een zeker moment is wel besloten dat de slogan Born in L.A. eraf gehaald werd.’

Hoe het ook zij, de Nederlandse markt en media omarmen de hooggehakte powervrouw al snel. Boetieks nemen gretig haar kleding af zodat ze met betaalbare stukken de concurrentie aan kunnen gaan met grote ketens als Mango en Zara. Ze geeft met haar kleren een luxe high fashion-gevoel, zonder dat je meteen duizenden euro’s kwijt bent. Vriendin Joyce Versloot, eigenaresse van HairSquad: ‘SuperTrash is Olcay, zij ìs het merk; de jonge, sterke, hardwerkende vrouw die staat voor wat ze wil.’ Olcay zelf straalt als gezicht het jetset-leven uit dat jonge meisjes willen. ‘Indirect houden we haar wel in ons achterhoofd als we met het design-team om de tafel zitten,’ zegt creative director van Eijk. ‘Zou Olcay dit dragen of moet het nog iets vrouwelijker? Heeft het genoeg allure? Is het modieus genoeg? SuperTrash moet van iedere vrouw een sensuele en tijdloze übervrouw kunnen maken. Het moet je eigen ambitie uitdragen, dat is wat we er van Olcays persoonlijkheid in proberen te verwerken.’ Toch draagt Gulsen niet altijd haar eigen merk, zoals bijvoorbeeld de Brenninkmeijers zich wel in C&A hullen. Wanneer we haar in 2009 als één van de dertig business babes fotograferen, is er enige overtuigingskracht van de stylist nodig dat het leuk is om Gulsen in haar eigen kleding te fotograferen. Op haar site schrijft de SuperTrash-eigenaresse dat ze in 2009 de Quote Business Babe of the Year-award’ in ontvangst heeft genomen, ware het niet dat deze helemaal niet bestaat. Hoe het ook zij, het staat natuurlijk wel lekker op haar c.v. Net als dat ze op haar eigen website schrijft dat ze in Amsterdam is geboren, in plaats van Waalwijk, waar ze wel degelijk opgroeide en naar de middelbare school ging.

Hoewel haar leugentjes om bluf en bestwil bekend zijn, worden die de mooie onderneemster snel vergeven. Een collega-modeondernemer uit de Quote 500, die niet genoemd wil worden, vertelt ons: ‘SuperTrash is een geweldig voorbeeld van out of the box-denken. Olcay heeft zichzelf met enorm veel bombarie in de markt gezet. Natuurlijk klopt niet altijd alles wat ze beweert, maar ze werkt keihard en wat ze doet is ontzettend knap gedaan.’ Vanaf 2009, wanneer ze zichzelf in de media begint te promoten, staan grote merken dan ook gewoon in de rij om een deal met Gulsen te sluiten. Dat jaar verbindt ze haar merk aan Philips voor een kunstzinnige Senseo en in 2010 verwerft Olcay landelijke bekendheid wanneer SuperTrash de dutch dress van Bavaria ontwerpt, die tijdens het WK Voetbal in Zuid-Afrika voor veel ophef zorgt. Toch blijft het voor Gulsen hard werken om ook als modeondernemer de internationale media te halen. Om daar verandering in te brengen, benadert Gulsen producent Robin de Levita of hij wil meedenken met een real-life soap voor de Amerikaanse markt. Daarmee zou ze meteen haar reputatie als fashion entrepreneur kunnen vestigen. De Levita zelf wil niks over de samenwerking zeggen, maar een ingewijde vertelt: ‘Omdat Olcay al gauw erna naar New York zou gaan voor een show, wilde De Levita daar bij zijn. Het is een leuke pilot geworden; Olcay die op hakken door de sneeuw ploeterde en haar koffer de trap op zeulde in het liftvrije appartementencomplex van haar zus.’

Aanvankelijk was Gulsen erg enthousiast over de pilot, maar enkele maanden later stond ze ineens niet meer achter het project en liet ze niks meer van zich horen. Er volgde een kort geding waarbij bleek dat De Levita al meerdere afspraken was aangegaan. Zo zou Gulsen voor haar real life-soap acteurs uit een populaire Chinese serie mogen gaan kleden. Maar Gulsenwilde niet meer verder omdat ze vond dat ze er nogal sloom en onprofessioneel op stond. De Levita counterde weer door tijdens de zitting maar liefst 18 getuigenverklaringen te presenteren van professionals die de pilot hadden bekeken en allen stelden dat deze kwalitatief goed in elkaar stak. ‘Het was nog best een prestatie om er wat van te maken,’ aldus de ingewijde. ‘Van wat ik begreep, kwam er niet zoveel uit haarzelf. Je zou denken dat ze een control freak is, maar tijdens de modeshow was ze drukker bezig met de vraag of haar benen in de goeie kleur werden gesprayd, dan dat ze naar de modellen en de kleding keek.’ In de uitkomst van het kort geding besliste de rechter dat Gulsen niet hoefde mee te werken aan de real life-soap van De Levita, maar dat zij ook niet met andere partijen in zee mocht gaan. De Levita dreigde met een hoger beroep, waarop de zaak snel werd geschikt en Gulsen alsnog de kosten (gefluisterd wordt dat het om zo’n €30.000 ging) betaalde die de pilot had gekost. Een andere ondernemer die een zakelijk conflict met SuperTrash had, vertelt: ‘Als Gulsen je niet meer nodig heeft, dan neemt ze de telefoon niet meer op en reageert ze niet meer op je e-mails. Maar ik had niet de middelen om het tegen haar op te nemen, daarom wil ik ook niet m’n naam terug zien in Quote. Ik vond het in ieder geval bijzonder ergerlijk dat ze wel in de Amsterdamse horeca werd gesignaleerd, maar zogenaamd niet de tijd had om ons geschil even netjes af te handelen.

Het is een kant die vrienden van haar niet kennen, zo vertelt Joyce Versloot: ‘Olcay zal altijd de eer aan zichzelf houden wanneer ze een zakelijk geschil met iemand heeft, ze betaalt liever dan dat ze je zakelijk onderuit haalt. Ze heeft een groot hart, te groot denk ik wel eens. Ze gunt iedereen om haar heen alles, staat voor iedereen klaar en ook haar werknemers hebben het meer dan goed.’ Dat wordt trouwens bevestigd door een voormalig werknemer die twee jaar voor Gulsen werkte: ‘Ze laat je heel erg vrij, maar ze heeft wel altijd het laatste woord. Het was een enorm leuk bedrijf om in te werken; het groeide zo snel, ik mocht veel reizen en de grote shows waren erg gaaf. Ik denk dat Olcays grote kracht is dat ze mensen om zich heen verzamelt die hetzelfde beeld voor ogen hebben als zijzelf, waardoor ze veel aan anderen kan overlaten. Anders is het niet mogelijk om in je eentje zo’n groot bedrijf te leiden.’ Maar, daarbij moet niet vergeten worden dat Gulsen wel degelijk van alle markten thuis is, zo stelt creative director Van Eijk: ‘Olcay heeft zelf alles al binnen het bedrijf gedaan. Ze kan heel snel reageren en actie ondernemen op alles, of het nu om een nieuw jurkje, de verkoop of de financiën gaat. Als je zelf in het magazijn orders hebt staan inpakken, snap je ook hoe het daar werkt en hoe het in de winkel terecht komt. Dat helpt enorm als je op een gegeven moment mensen op posities zet die jou dat werk uit handen moeten nemen.’

De veelzijdigheid van Gulsen wordt ook door mensen buiten het eigen bedrijf bezongen met lofliederen. 'Olcay weet wat ze voor ogen heeft, ze weet te inspireren en ze trekt de kar op alle gebieden. Het is een hardwerkende dame die overigens totaal niet gestressd is.' Deze woorden komen uit de mond van Claudia van As, die samen met haar man Cees het vastgoed van SuperTrash beheert via Fashion Brand Retail Holding. Alle winkels in Nederland, inmiddels tien in totaal, zijn mede uitgezocht door de Rotterdamse beheerders. 'We werken vanaf winkel nummer één, die in 2010 in Eindhoven geopend werd, met haar samen. Bij het uitzoeken van de panden letten we op de locatie en de grootte van het pand. Het belangrijkste is dat je het gevoel hebt dat je een 'walk-in-closet' binnenloopt. Het blijft toch een vrouwenwinkel.' Daarnaast zorgt Van As ook voor de verloning van het personeel in de winkels. Dat zijn inmiddels een kleine vijftig personen, met een gemiddelde leeftijd van vijfentwintig. En hoewel Gulsen de dertig reeds gepasseerd is, is er maar een model waar de verkopers zich aan dienen te spiegelen: 'Ze moeten allemaal aan Olcay's profiel voldoen. Het zijn kleine Olcay’s eigenlijk. En er zullen spoedig meer personen bij komen. Want geloof me, dit concept kan overal.'

SuperTrash mag volgens eigen zeggen dan wel minstens 1600 verkooppunten hebben in zeker 24 landen, voorlopig staan de 'SuperTrash Brand Stores' enkel in Nederland en - eentje - in Antwerpen, België. Maar om de wereld te kunnen veroveren moet men verder kijken dan de Benelux. De volgende barrière die beslecht dient te worden is Engeland en Amerika, de mekka's van de mode-industrie. 'Nederland hebben we nu wel gecoverd, dus dat is een logische stap. Binnenkort zal er een winkel worden geopend in Soho, op Broom Street in hartje New York City', aldus Wendy de Groot, financieel directeur van SuperTrash. Zij vertelt verder dat er door haar baas hard gewerkt wordt aan de lancering van nieuwe modelijnen, waaronder ook voor de allerjongsten. 'We hadden de kinderlijn al wel ontwikkeld, maar in maart is dus ook de eerste 'kinderwinkel' geopend, in de Negen Straatjes in Amsterdam.' Met zoveel uitbreidingsplannen lijken de kansen aanzienlijk dat het zogenaamde 'miljoenenimperium' van SuperTrash alleen verder zal uitdijen. Toch kleeft er voor Gulsen persoonlijk ook een nadeel aan de hoeveelheid snode plannen: tijdgebrek. En daardoor wordt haar eigen stichting, Jay4Chance, het kind van de rekening. In de afgelopen paar jaar laat Olcay in meerdere vraaggesprekken doorschemeren dat ze jongeren die - net als zijzelf vroeger - kampen met een problematische thuissituatie graag wil helpen. Met haar eigen stichting wil ze zodoende jonge ondernemers een duwtje in de rug te geven, waar dan tegenover staat dat gedurende zes maanden deze mensen 10% van hun winst dienen over te maken naar de stichting. Deze gelden worden vervolgens weer gebruikt om 'kansarme kinderen' een opleiding aan te bieden. Een nobel streven, maar anno 2012 blijkt er nog steeds geen stichting onder de naam Jay4Chance te zijn opgericht bij de Kamer van Koophandel. 'Dat klopt, maar het project staat dan ook nog steeds in de kinderschoenen', aldus Kim Harmsen, marketing manager van SupterTrash. 'Ik weet wel dat Olcay al twee mensen 'begeleid' heeft, maar het gaat zo hard en snel met ons bedrijf dat we er nog niet zo goed naar hebben kunnen kijken.'

Gezien de drukte is het geen schande dat zelfs een 'power lady' als Olcay Gulsen af en toe een verzetje nodig heeft. En dan is het, om met de woorden van enkele medewerkers te spreken, 'never a dull moment' met haar. Dat blijkt wel wanneer Gulsen begin maart, zonder in het bezit te zijn van een uitnodiging, haar gezicht laat zien op een Playboy-feestje in Antwerpen. De impulsieve kant van Gulsen komt bovendrijven wanneer een verslaggever van persbureau Novum met een ronkende camera voor haar neus komt te staan. Duidelijk onder de invloed van de nodige hoeveelheid wodka – gedronken zoals het een diva betaamt: 'straight from the bottle' – grist Olcay de microfoon uit de handen van de jonge persmuskiet en begint vervolgens haar, overigens niet bestaande, zangtalenten te demonstreren. Als bonus deelt ze nog een paar sneren uit naar Lesly-Anne Poppe, het nieuwste covermodel van Playboy. Volgens Gulsen moet het rukblaadje stoppen met 'oude Belgische vrouwen' te etaleren. Daarbij direct aan toegevoegd dat ze zelf geen enkele behoefte heeft om te figureren op de middelste pagina's. Jan Heemskerk, hoofdredacteur van Playboy, reageert laconiek op de acties van Gulsen. 'Het was een leuke verrassing dat ze er was. En tja, ze had blijkbaar nogal dorst. Dat kunnen we nu eenmaal niet tegenhouden. En dat ze dan een paar minder leuke opmerkingen maakte... Ach, bij de Playboy zijn we heel vrijgevingsgezind. Dus mocht ze alsnog willen poseren: ze is altijd welkom.'

Hoe dan ook, een beetje ordinair blijven de beelden – waarin volgens Novum niet geknipt is – wel. Ironisch genoeg sluit het gedrag van Gulsen, waarschijnlijk ongewild, naadloos aan bij de naam SuperTrash. Zoals ze zelf in een interview in het najaar van 2011 zegt: 'Het is niet de makkelijkste naam om mee door te breken. Veel mensen vinden hem ordinair. Ik was zelf hartstikke jong toen ik hem kocht en vond die naam te gek. SuperTrash staat voor dynamische, snelle, ambitieuze vrouwen met een stout randje.' Duidelijker kan het niet: de Waalwijkse is de belichaming van het merk en laat zich niet door taalbarrières tegenhouden om het uiteindelijke doel, werelddominantie, te bereiken. Of zoals marketing manager Harmsen het verwoord: 'Het is helemaal geen verkeerde naam; het is juist een uitdaging om er iets mee te bereiken. Het heeft iets positiefs en iets negatiefs. Maar je onthoudt het in ieder geval wel!'

Wie is Olcay Gulsen?

geboren 20 juli 1980 te Waalwijk, als derde in een gezin van zes kinderen. Gulsens vader lijdt aan schizofrenie en is daarnaast verslaafd aan heroïne en alcohol

studeerde hbo personeel & arbeid in Breda (dat ze in Rotterdam heeft gestudeerd, is een misvatting)

startte in 2001 Chill Agency, een werving- en selectiebureau voor de modebranche

kwam al snel in contact met mensen als Cool Cat-oprichter Ronald Kahn. ‘Ik zei gewoon tegen de telefoniste dat hij had gevraagd hem terug te bellen. Hem vertelde ik dan meteen dat ik had gedaan alsof ik hem kende. Die mensen vinden dat leuk’

stortte zich in 2002 op de kledingimport met haar eigen bedrijf 2Stepzahead. Zo leverde ze aan meer dan 250 klanten het denimmodemerk Yo! Japan en Criminal

zegt zelf in 2004 tijdens de New York Fashion Week de Californische it-girl Ava Riley te hebben ontmoet, waarna ze verantwoordelijk werd voor de distributie van SuperTrash in Europa en Azië. Vervolgens zou ze in 2009 Riley hebben uitgekocht: ‘90% van onze omzet werd al in Europa gehaald’. Inmiddels wordt SuperTrash verkocht in 29 landen, zusje Dolshe runt het kantoor in New York.
Verwierf nationale en internationale bekendheid met de Dutch Dress voor Bavaria
Is verloofd met Edgar Davids, hoewel boze tongen beweren dat er weinig liefde tussen de twee is.
Staat bekend om megalomane modeshows, zo huurde ze in 2011 de Gashouder (2500 gasten) in de Westergasfabriek af en in 2012 de Passengers Terminal (1500 genodigden)
Lanceerde onlangs haar eigen kinderlijn en parfum Phenomenal. Hoewel Gulsen in het verleden zei dat SuperTrash een merk ‘zonder pretenties’ is, ziet de commercial voor de eerste geur eruit als een Dior-reclame, is er een verkooppunt in de P.C. Hooftstraat
Treedt ook op als jurylid zoals in de Nederlandse variant van het modellenprogramma The Face, Project Catwalk, en het Amerikaanse reality-programma Ready to Wear (Bravo)
Won onder andere de Amsterdam Fashion Award (2010), Best Fashion Entrepreneur Marie Claire’s Prix de La Mod (2010)
Typering volgens beste vriendin Joyce Versloot: ‘Ze kan enorm snel schakelen en heeft veel lef. Je talent kan je niet verliezen, dus gaat ze altijd door, zeurt nooit en blijft in zichzelf geloven. Ze is niet bang om te falen.’

Roerige Schoolcarrière

Mevrouw Gulsen kan in alle toonaarden vertellen dat ze opgegroeid is in Amsterdam, ze is toch wel degelijk groot geworden in Waalwijk. Bekend is dat Gulsen mid-jaren negentig tevergeefs probeerde haar havo-diploma te bemachtigen op het lokale Dr. Mollercollege. 'Niet dat ze geen vaardigheden had of geen ambitie, maar haar leven was nogal structuurloos destijds', weet Jack Didden, de toenmalige leraar Engels van Gulsen. De jeugdige versie van de mode-diva wist op de middelbare school een onuitwisbare indruk achter te laten bij de leiding. Een knappe prestatie aangezien mevrouw vaker niet dan wel haar hoofd liet zien in het schoolgebouw. Vandaar dat er een speciale regeling werd getroffen. 'We hadden een contractje met haar afgesloten waarin stond dat ze kon vertrekken wanneer ze nog één keer onrechtmatig afwezig zou zijn. Helaas maakte ze misbruik van de regeling en zou ze nooit eindexamen doen.’ Gulsen zou via de omweg van het volwassenenonderwijs alsnog een hbo-diploma Personeel en Arbeid in de wacht slepen. Althans, dat staat op haar cv. Navraag bij de Avans Hogeschool leert dat Olcay wel ingeschreven heeft gestaan bij de opleiding, maar slechts welgeteld één jaar. ‘Bovendien verliet ze de school in 2003 zonder diploma’, aldus de persvoorlichter van Avans. Daarnaast is het verhaal ook dat Gulsen haar opleiding volgde in Rotterdam, maar ook dat klopt niet: ze volgde haar lessen in Den Bosch.

De Afrekening: Hoeveel is Olcay waard?

In de extreme wervelwind aan media-aandacht die SuperTrash genereert wordt meer dan eens gesproken van 'het miljoenenimperium'. Kenners reppen van omzetten die variëren van €24 miljoen tot zelfs €36 miljoen, gegenereerd door creaties die tussen de €60 en €110 kosten. Maar zwart-op-wit vallen deze claims niet te onderbouwen daar Olcay en co. nimmer zulke cijfers vrijgeven. ''We hoeven die data ook niet aan de KvK door te geven, dus ik ga geen antwoord op uw vragen geven', is de reactie die financieel directeur Wendy de Groot meerdere malen afspeelt wanneer er gevraagd wordt naar de financiën van SuperTrash. Men wil duidelijk geen pottenkijker en daarom worden enkel de strikt noodzakelijke zaken gedeponeerd. Wat dan uit de resterende jaarcijfers wel valt op te maken is dat sinds Gulsen haar voormalige 'partner in crime' Ava Riley heeft uitgekocht er een steeds grotere winst wordt geschreven bij WayAhead, de holding waar sinds 2008 de BV 2StepzAhead onder valt. Overigens betreft het geen negen nullen. De laatste cijfers, van 2010, spreken van ruim vier ton. Hierdoor is het meer dan aannemelijk dat er een miljoenenomzet wordt gedraaid. Overigens heeft Olcay dat niet, zoals ze ook wel vaker zegt, voor elkaar gebokst zonder ooit ook maar één cent te lenen. Ze heeft in het verleden namelijk een keer aangeklopt bij de bankiers van ABN Amro. Ook blijkt uit de jaarverslagen dat tot 2005 er nog één andere aandeelhouder in 2StepzAhead zat. maar deze persoon is destijds uitgekocht voor het schijntje van €72.000, uitgesmeerd over drie jaar tijd. Wie deze aandeelhouder was (wellicht huidig Blosh-baasje Rob Groenteman of een mode-suikeroom?) willen ze bij SuperTrash natuurlijk weer niet zeggen. Gulsen resideert weliswaar in leuke appartementen te Amsterdam en Londen, maar qua stenen heeft ze enkel een huisje in haar bezit dat ze in Waalwijk voor haar moeder heeft laten bouwen op een stuk grond dat in 2010 werd gekocht voor €63.000. Verder is bekend dat ze een zwarte Porsche Panamera - een witte Porsche Cayenne voldeed niet meer – met chauffeur heeft. Daarom haalt Gulsen vooralsnog, zelfs bekeken door de grootst denkbare roze bril, de cut van de Selfmade-lijst niet. Haar vermogen zal niet meer bedragen dan €4 miljoen.